|
‘Onmiddellijk stoppen met huidig winkelbeleid'
Nieuwsbericht | 06-07-2010
Doorgaan met de inrichting van ons winkellandschap zoals de afgelopen tientallen jaren gebeurde, moet stoppen. Het leidt niet tot de gewenste rendementen voor betrokken partijen. Die dringende oproep doen de brancheorganisaties NRW (Nederlandse Raad van Winkelcentra samen met het Hoofdbedrijfschap Detailhandel, de Vereniging van Meubelboulevards Nederland en CBW-MITEX.
Volgens deze brancheorganisaties is de consument niet met het huidige beleid gebaat omdat het winkellandschap verrommelt. Oplossingsrichtingen die leiden tot betere rendementen voor alle partijen die betrokken zijn winkellocaties liggen echter niet voor het oprapen. Toch zijn er denkrichtingen die uitkomsten kunnen bieden. Dat blijkt uit de discussie middag met een brede vertegenwoordiging van vastgoedontwikkelaars, de retail, beleggers, managers, marktonderzoekers en makelaars.
De NRW (Nederlandse Raad van Winkelcentra) faciliteerde op de eerste julidag samen met het Hoofdbedrijfschap Detailhandel, de Vereniging van Meubelboulevards Nederland en CBW-MITEX de discussiebijeenkomst. De verschillende groepen gingen met stellingen aan de slag en presenteerden hun visies aan de totale groep. Lees persbericht>>
Een van de hoofdonderwerpen van de discussie was in hoeverre schaalvergroting wenselijk en/of noodzakelijk is. Met het oog op de verruimde mogelijkheden voor detailhandelmeters in de periferie is de problematiek zeer actueel. Droogh onderscheidde in zijn inleiding dat typen winkelgedrag niet meer per definitie samenhangen met branchering. Bij Maxis Muiden bijvoorbeeld is het winkelgedrag "boodschappen doen" in de periferie. En een rondje Intratuin is niet alleen grootschalig winkelen maar ook funshoppen inclusief kopje koffie.
Alles kan in de periferie, maar het is wel kwetsbaar, want voor een succesvolle winkelformule is een kritische massa nodig. En in de periferie moet elke bezoeker aangetrokken worden. Momenteel kampt de sector te veel kansarme perifere centra. Zij zijn tafellaken noch servet. De centrale vraag was daarom: moet er nu meer regie komen om ongewenste ontwikkelingen tegen te gaan? En wat zijn dan gewenste en ongewenste ontwikkelingen? Welke toetsingscriteria staan ter beschikking en hoe ga je om met handhaving van regels zonder te veel regelen en reguleren?
Minder meters, richtlijnen vanuit de (landelijke) overheid, meer en beter overleg tussen marktpartijen en meer flexibiliteit in de functies van gebouwen, werden als oplossingsrichtingen genoemd om verandering te brengen in de huidige situatie. Voor alle partijen staat een ding vast: de urgentie om zaken anders en daarmee meer naar de wens van de consument aan te pakken is meer dan voelbaar. ‘Anders' moet leiden tot ‘ beter ‘. Door Rogier Hentenaar, Vastgoed Journaal
Naar nieuwsarchief>>
|